Bij een madeleine draait alles om het perfecte buikje. De bosse de chameau, zoals de Fransen het noemen. De kamelenbult. De uitstulping die ontstaat tijdens het bakken en laat zien dat je cakeje goed gerezen en luchtig is.
Geen nood, ook madeleines zonder zo’n picture perfect bult kunnen (in sommige gevallen) prima smaken. Toch kun je dit meest voorkomende probleem goed voor zijn.
Waarom heeft mijn madeleine geen bultje?
Het beslag is niet koud genoeg geweest voordat het de oven in ging
Dat heeft alles te maken met een soort ‘thermische schok’. De lucht in het koude beslag zet uit zodra het in aanraking komt met de fikse hitte van je oven. Is het beslag te warm, dan zet de lucht te weinig uit en eindig je met een plat exemplaar. Laat je beslag minimaal een half uur, maar liever een paar uur in de koelkast rusten.
Het beslag heeft niet gerust
In dezelfde categorie: het rusten zorgt er ook voor dat de bloem de natte ingrediënten goed opneemt. Hierdoor wordt ‘t dikker en dat draagt ook weer bij aan het bultje. Experts stellen overigens dat rusten ook helpt bij het langer vers houden van de madeleines. Je madeleines drogen minder snel uit als het beslag bijvoorbeeld een nachtje in de koelkast heeft doorgebracht.
Je oven is niet heet genoeg
Of hetzelfde probleem maar anders verwoord: niet volledig voorverwarmd. Ook dit heeft alles te maken met die thermische schok. Zorg dat je oven goed op temperatuur is. Vertrouw jij je oven niet helemaal, dan is het misschien goed om een losse oventhermometer aan te schaffen.
Andere problemen bij madeleines
Je vorm is niet vol genoeg, of juist veel te vol
Vul de schelpjes voor ongeveer 2/3de met beslag. Dat is voldoende, de boel gaat nog rijzen. Met een flinke eetlepel zit je daar al aan. Wil je preciezer doseren, dan kan het helpen om er een spuitzak bij te pakken.
Je beslag schift of mengt niet lekker
Het ‘wordt geen familie’ zoals Robèrt zou zeggen. Waarschijnlijk zijn de boter en het eimengsel niet op dezelfde temperatuur. In dat geval kan het beslag gaan schiften.
Te lang gebakken, te kort gebakken
Dit is misschien een inkoppertje, want gaat dit niet voor ieder baksel op? Klopt! Je wilt bij een madeleine dat de buitenkant een beetje krokant is en de binnenkant heerlijk zacht en luchtig.
Je hebt een siliconen vorm gebruikt
Metalen vormen geleiden hitte beter en geven een mooiere bruining dan siliconen vormen. Bij madeleines is de juiste vorm belangrijker dan bij veel andere baksels. Investeer dus in een goed exemplaar. Sommige ovens bakken iets minder gelijkmatig waardoor je madeleines mogelijk allemaal nét iets anders uit de oven komen.
Niet goed genoeg ingevet
Metalen bakvormen worden van oudsher niet alleen ingevet, maar ook bestoven met bloem. Dat voorkomt plakken en geeft een extra knapperig korstje. Je kunt je voorstellen: bij de gedetailleerde vorm als die van een madeleine, is die extra handeling geen overbodige luxe. Gebruik zachte boter en vet de vorm in met een kwastje. Dit werkt beter dan een bakspray als je vorm kleine ribbels heeft. Probeer ieder hoekje goed te raken en bestuif de vorm vervolgens licht met bloem. Klop de overtollige bloem eruit. Werk je wat slordig, dan loop je het risico dat de madeleines niet uit de vorm komen of dat de schelpkant onregelmatige vlekken vertoont.
Tip: in de vriezer
Zelf vinden we het fijn om de ingevette, bestoven madeleinevorm even in de vriezer te zetten voordat we hem vullen met het beslag dat heeft gerust in de koelkast. Zo warmt het gekoelde beslag niet per ongeluk op tijdens het vullen van de vorm en weet je zeker dat de thermische schok optreedt.
Reageren
Je kunt op dit moment niet reageren.